english

Hoger beroep in rechtszaak Milieudefensie tegen Shell van start

Vandaag gaat het hoger beroep van start in de rechtszaak die Milieudefensie en vier Nigeriaanse boeren in 2008 hebben aangespannen tegen Shell wegens schade door lekkende olie uit Shell-pijpleidingen in Nigeria (1). Na het vonnis van de Haagse rechtbank in januari 2013 besloten Milieudefensie en drie van de vier Nigeriaanse eisers in beroep te gaan. Ook de dochterorganisatie van Shell in Nigeria tekende beroep aan. De partijen leveren vandaag hun 'grieven' voor het hoger beroep schriftelijk in bij de rechtbank.

Op 30 juni van dit jaar besloot de rechtbank tijdens een regiezitting in de zaak, die al ruim zes jaar duurt, dat het hoger beroep in fasen zal worden behandeld: vandaag dienen Milieudefensie en de Nigeriaanse eisers hun ‘grieven’ in tegen de beslissing van de rechter in 2011 (in een zogeheten exhibitie-incident) om hun vordering om inzage in stukken van Shell af te wijzen. Shell levert zijn grieven in tegen de door de rechtbank aanvaarde bevoegdheid in 2009: het bedrijf vindt dat de Nederlandse rechter wél over de vordering tegen de moedermaatschappij van Shell in Nederland zou mogen oordelen, maar niet over die tegen Shell Nigeria. Op 9 december reageren de partijen vervolgens schriftelijk op elkaars grieven, en op 12 maart 2015 vindt het pleidooi plaats over de exhibitie en de bevoegdheid. Pas als het hof daarover heeft besloten, wordt de hoofdzaak vervolgd.

Hoofdkantoor Shell in Nederland net zo schuldig als Nigeriaans dochterbedrijf

Geert Ritsema, campagneleider Energie en Grondstoffen bij Milieudefensie: “Wij willen dat het hof Shell beveelt om documenten vrij te geven over de onderhoudsstaat van de lekkende pijpleidingen. Shell blijft beweren dat de lekkages door sabotage zijn ontstaan, maar wij willen laten zien dat de leidingen verouderd waren en slecht onderhouden, waardoor olie kon lekken. Ook willen we documenten boven tafel krijgen die aantonen dat het hoofdkantoor van Shell in Nederland, Royal Dutch Shell, nauw sturing geeft aan de dochterorganisatie in Nigeria, en dus verantwoordelijk is voor besluiten die daar worden genomen. Nu is alleen Shell Nigeria in één van de zaken schuldig bevonden, terwijl het hoofdkantoor in Nederland het beleid bepaalt en dus net zo schuldig is.”

Afhankelijk van de uitspraak na het pleidooi in maart 2015 wordt de hoofdzaak verder vervolgd. In dat geval buigt de rechtbank zich over het vonnis van januari 2013: toen werd Shell Nigeria voor een van de drie aangedragen vervuilingszaken veroordeeld voor nalatigheid, waartegen het in beroep ging. In de andere twee zaken stelde de rechter dat Shell niet aansprakelijk kan worden gesteld voor de vervuiling uit haar eigen pijpleidingen. Tegen die beslissing tekende Milieudefensie beroep aan. Geert Ritsema: “Het vreselijk is dat de zaak zo lang voortsleept. Ondertussen leven onze eisers en duizenden andere mensen in de Nigerdelta al tientallen jaren in een gebied dat doordrenkt is van Shell-olie. Water, landbouwgrond, visvijvers: alles is vervuild. De drie lekkages in onze zaak zijn slechts het topje van de ijsberg; er zijn bijna dagelijks lekkages. In de loop der jaren is in het gebied meer olie weggelekt dan bij de ramp met de Deepwater Horizon in de Golf van Mexico. Daar wordt wel opgeruimd. Wij hopen te bereiken dat ook Shell zich in Nigeria gaat houden aan de internationale milieustandaarden, zodat de mensen daar niet de dodelijke prijs hoeven te betalen voor onze fossiele verslaving.”

Implementatie UNEP-rapport

Ondertussen wachten de bewoners van de delta nog steeds op de implementatie van een rapport van het United Nations Environmental Programme (UNEP) uit 2011, waarin de Verenigde Naties na uitgebreid onderzoek aanbevelingen doen om de crisis op te lossen (2). Shell en de Nigeriaanse overheid, de belangrijkste verantwoordelijken volgens dit rapport, wijzen al jaren naar elkaar zonder die  op te volgen (3). Milieudefensie heeft dit jaar samen met andere milieu- en ontwikkelingsorganisaties tweemaal met minister Ploumen van buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking gesproken over de situatie in de Nigerdelta. Geert Ritsema: “Wij hebben er onder andere op aangedrongen dat de minister tijdens haar reis naar West-Afrika afgelopen zomer ook de getroffen Nigerdelta zou bezoeken, en bij Shell en de Nigeriaanse regering zou aandringen op een snelle uitvoering van het UNEP-rapport. Dat heeft zij gedaan en dat vinden we een goed signaal. Nederland speelt nu, terecht, een cruciale rol in het bij elkaar brengen en aansporen van de partijen die verantwoordelijk zijn voor het opruimen van de olievervuiling en de implementatie van de aanbevelingen van de Verenigde Naties (4).” Tijdens het tweejaarlijkse congres van Friends of the Earth International, een internationale milieufederatie waartoe ook Milieudefensie behoort, is vandaag in Sri Lanka een resolutie aangenomen waarin milieuorganisaties uit meer dan zestig landen stellen dat Shell 'gedwongen moet worden om de aanbevelingen van het UNEP rapport uit te voeren en haar olievervuiling in de Nigerdelta op te ruimen'.

Noten:

(1) Bekijk hier het verloop van de rechtszaak

(2) Persbericht: Rapport UNEP legt falen Shell Nigeria bloot

(3) Persbericht: Nigerian government ans Shell continue to ignore horrendous pollution in Niger Delta

(4) Kamerbrief minister Ploumen met verslag en reactie bezoek Nigeria

Loading...