english

CETA zal sneuvelen door gebrek aan draagvlak

Als Europese politici de inhoudelijke kritiek vanuit de samenleving en van juridische experts afdoen als irrelevant, dan wordt wel duidelijk wie hier echt een loopje met de feiten neemt, schrijven meerdere experts over CETA.

OPINIE (verschenen op volkskrant.nl op 3 november 2016)

Met hangen en wurgen overleefde het CETA-verdrag met Canada zijn eerste test. Tien Europese lidstaten gingen te elfder ure om, België hield het verzet het langst vol. Daarmee staan de benodigde handtekeningen onder de deal, maar met een paar flinke mitsen, en nog een lange weg te gaan. Een weg die via de rechtszaal, het Europees Parlement, de nationale parlementen en eventuele referenda loopt, zeker als de uitgesproken mooie intenties en toezeggingen niet leiden tot stevige en juridisch afdwingbare verbeteringen. Ondertussen doen diverse Europese politici alsof alle kritiek uit de lucht gegrepen is. Hun frames zijn een garantie voor het alsnog sneuvelen van CETA. Terwijl eerlijke en duurzame handelsafspraken echt niet zo moeilijk hoeven te zijn, zeker nu we met de regering Trudeau zaken doen.

Paul Magnette -de minister-president van Wallonië- is hoogleraar, leidde een Europese denktank en was federaal minister in vijf Belgische kabinetten. Hij verwoordde al in april van dit jaar in een officiële brief aan de Europese Commissie de fundamentele inhoudelijke kritiek van het Waalse parlement op CETA. Dat vindt het voorgestelde arbitragehof (ICS) ondemocratisch, maakt zich zorgen over de vergaande invloed van bedrijven op wetgeving, vreest voor privatisering en liberalisering van publieke diensten, neerwaartse druk op voedselstandaarden en arbeidsrechten en ziet nadelen voor duurzame en kleinschalige landbouw. Het parlement wordt daarin gesteund door het merendeel van de milieu-organisaties, consumentenorganisaties, boerenorganisaties en vakbonden in Europa en Canada. Inhoudelijke kritiek dus.

Egoïstisch

Dat kan u ontgaan zijn, want de afgelopen twee weken werd het beeld neergezet van een egoïstische regio, die om interne redenen tegen CETA was en daarin alleen stond. En dat is ook wel begrijpelijk, want als je politici als Guy Verhofstadt -leider van de liberale ALDE-fracie- of voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk hoorde, dan leek het wel of CETA alleen over tarieven ging en je wel gek moest zijn als je je verzette tegen deze 'gouden standaard' voor handel. Waarom die deal zo goed is, dat hoefde niet betoogd te worden. Ondanks dat het beschikbare onderzoek eerder al aantoonde dat de economische winst in het gunstigste scenario 0,08 procent van het BBP bedraagt. Over 10 jaar. De beloofde banengroei blijft uit, en de opbrengsten voor het midden- en kleinbedrijf zijn niet hard te maken. Terwijl dat toch de drie beloftes waren toen Europa begon met onderhandelen.

Juridisch onhoudbaar

De Walen dwongen een aantal belangrijke concessies af door hun poot stijf te houden. De belangrijkste: het arbitragehof gaat getoetst worden door het Europees Hof van Justitie. Dat is essentieel omdat in het debat rechters en juristen tot nu toe buitengewoon kritisch zijn. De Internationale Federatie van Rechters wees dit ICS-systeem eerder al af, omdat het tot bevoordeling van grote bedrijven leidt boven burgers. Het Duitse Constitutioneel Hof was eerder deze maand zeer kritisch over ICS, maar ook over de invloed die bedrijven kunnen uitoefenen op het schrijven van wetten en de mogelijke verdergaande overdracht van soevereiniteit naar Europa. Grote kans dus dat ICS zoals het er nu uitziet bij de rechter sneuvelt, en de rest van CETA ook niet zo maar de juridische tests passeert.

Feiten tellen

Daarom is het kwalijk dat Verhofstadt deze week ervoor pleitte voortaan deze vergaande verdragen niet meer aan de nationale parlementen voor te leggen. Hoewel een recordaantal van 3,5 miljoen Europese burgers een petitie tekende tegen TTIP en CETA, hoewel een Constitutioneel Hof erop wees dat hier stilletjes macht verschoven wordt, vindt Verhofstadt dat we daar niet meer zelf over zouden moeten gaan. Donald Tusk ging nog wat verder. Hij zei over het CETA-debat: 'Post-factual reality & post-truth politics pose a great challenge on both sides of the Atlantic.' Je zou bijna gaan geloven dat dat klopt. Als Europese politici de inhoudelijke kritiek vanuit de samenleving en van juridische experts afdoen als irrelevant, dan wordt wel duidelijk wie hier echt een loopje met de feiten neemt.

Dat is op zijn minst onhandig als je draagvlak zoekt, en deze opstelling kan leiden tot het uiteindelijk sneuvelen van CETA. Het 'ja' van België is voorwaardelijk, juridische toetsen kunnen zomaar negatief uitvallen, en in verschillende lidstaten is het maar zeer de vraag of CETA door het parlement komt, of een mogelijk referendum overleeft. In plaats van de euforie lijkt realisme op zijn plaats. De zo gewenste progressieve deal is juist met het Canada van Justin Trudeau mogelijk. Vakbonden en ngo's in Canada en Europa zijn bereid mee te praten over eerlijke en duurzame handel. Politici die zich nu rijk rekenen gooien hun eigen glazen in, want als de noodzakelijke garanties voor eerlijke handel er niet komen zal de definitieve goedkeuring van de lidstaten - onder druk van hun kritische bevolking - er uiteindelijk ook niet komen.

Door Jurjen van den Bergh (coördinator TTIP-Alarmcoalitie), Freek Bersch (campagneleider Milieudefensie), Tuur Elzinga (campagneleider FNV), Roeline Knottnerus  (onderzoeker SOMO), Faiza Oulahsen (campagneleider Greenpeace) Pietje Vervest (programmaleider Transnational Institute) en Jurjen de Waal (campaigner foodwatch).

Loading...