Berichten

Niet de zelfrijdende auto, maar delen zorgt voor een fijnere stad

Niet de zelfrijdende auto, maar delen zorgt voor een fijnere stad

28 november 2017

OPINIE (Verschenen in Trouw van 28 november 2017)

Experts buitelen over elkaar heen om de zelfrijdende auto de hemel in te prijzen en ook de overheid verwacht veel van deze technologische vooruitgang voor wie vrij baan wordt gemaakt in het regeerakkoord. Er worden heroïsche kwaliteiten toegedicht aan deze auto die onze levens en steden ingrijpend gaat verbeteren. Deze auto gaat er zogezegd voor zorgen dat mobiliteit zo goedkoop en gemakkelijk wordt dat we massaal afstand doen van autobezit en ritten gaan delen. Dit gaat files en parkeerproblemen oplossen en ons heel veel geld besparen, én opleveren. Ze worden ook allemaal elektrisch, zodat we het vervuilende fossiel vervoer kunnen uitzwaaien.

Maar zo vanzelfsprekend is dit niet. De zelfrijdende auto heeft veel potentie, maar de aanname dat we hierdoor massaal gaan afzien van autobezit en ritten gaan delen is wel erg kort door de bocht. Nog buiten de vraag of mensen überhaupt willen afzien van zelf sturen, moeten we ons vooral afvragen of wij straks ons reisgedrag opeens gaan veranderen door de zelfrijdende auto.

Voor een leefbare, fijne toekomst, moeten we het huidige mobiliteitssyteem veranderen. Deze is grotendeels gefocust op de auto; een zeer vervuilend middel dat veel ruimte inneemt, weinig personen vervoert en 95% van de tijd stilstaat. Onze verplaatsingen nemen de sowieso al toe en als de zelfrijdende auto er is, kunnen we rekenen op een explosieve groei. Want als die auto ritten goedkoper, makkelijker en comfortabeler maakt, is reistijd opeens tijd om te werken of te ontspannen. Hij vervoert ons van deur tot deur, dat is aantrekkelijker dan het OV. Daarnaast wordt de auto toegankelijk voor nieuwe doelgroepen zoals jongeren, ouderen en minder mobiele mensen en mogelijk gaat het gemak en de lage kosten van deze auto ook nog ten koste van fietsen en wandelen. Dit alles leidt tot meer kilometers en autoritten.

Gaan we straks afstand doen van autobezit? Auto's delen kan vandaag namelijk al en kan veel geld besparen. Toch doen we nog niet allemaal. We lijken zo vastgeroest aan de eigen auto, dat een enorme gedragsverandering nodig is. Gaan we ritten delen? We zijn niet zo happig op het delen van een rit met vreemden. Dit delen is wel nodig om het aantal auto's binnen de perken te houden. De bezettingsgraad van de auto, die nu al laag is, wordt straks soms nul; zogenaamde 'spookritten'. Je kunt je auto op een boodschap sturen of rondjes om het blok laten rijden, want rijden zonder passagiers kan efficiënter en goedkoper zijn dan parkeren (buiten de stad). En misschien is de auto als winkel of kantoor een alternatief voor prijzig bedrijfsvastgoed.

Kortom, zonder het delen van de auto en de rit zal de zelfrijdende auto files en uitdagingen met de openbare ruimte niet oplossen, maar juist verergeren. Een vermindering van het aantal auto's zal niet komen door de zelfrijdende auto, maar door het delen.

Een goede discussie over een gewenst kader voor de zelfrijdende auto is daarom nodig. Wat zijn de voorwaarden en welke gedragsverandering is nodig om ons te verleiden anders te reizen? Niets staat ons in de weg om te nu al werken aan de voordelen die we verwachten van de gedeelde zelfrijdende auto; minder auto's en daardoor fijnere steden en wegen. Dit kan door meer ruimte te creëren voor wandelen en fietsen, mensen te stimuleren om af te zien van een eigen auto door goede alternatieven te bieden en autobezit te ontmoedigen. We moeten mobiliteit integraler benaderen, waarbij de auto niet altijd centraal staat, zodat het toekomstbeeld met de zelfrijdende auto werkelijkheid kan worden.

Door Anne Knol van Milieudefensie en Ananda Groag van ShareNL