Thema's

TTIP en CETA; waarom zijn wij tegen?

warme trui voor schutter

TTIP en CETA; waarom zijn wij tegen?

27 oktober 2015

In dit artikel wordt ingegaan op waar TTIP en CETA voor staan en waarom het zo belangrijk is tegen het huidige voorstel te protesteren

Transatlantic Trad and Investment Partnership (TTIP)

TTIP is een beoogd vrijhandelsverdrag tussen de USA en de EU. De USA is wereldwijd bezig om met vele landen dergelijke verdragen te sluiten; de andere zijn TISA en TPP.

In al deze gevallen is duidelijk het streven te herkennen van de US (of beter de Amerikaanse multinationals) om weer de meest invloedrijke economische macht in de wereld te worden. Bij deze verdragen is het namelijk zeer opmerkelijk dat de grote opkomende economieën zijn uitgesloten van deze handelsverdragen, t.w.: China, India, Brazilië en Zuid-Afrika.

Tegelijk met TTIP loopt op dit moment ook het proces om te komen tot een gelijksoortig vrijhandelsakkoord met Canada, CETA.

TTIP is niet het eerste vrijhandelsverdrag met een gewraakte ISDS arbitrage, maar wel de grootste. 

Het "democratisch" proces van de totstandkoming

Het ontwerpverdrag is tot stand gekomen door de lobby van de industrie. De topmensen van de grote bedrijven hadden toegang tot de informatie, terwijl de politici die toegang niet hadden. Het is op dit moment nog steeds zo dat sommige politici het ontwerpverdrag mogen inzien, maar onder strikte voorwaarden. Mobiele telefoons mogen bijvoorbeeld niet meegenomen worden in de speciale leesruimte; er mogen geen kopieën van het document of delen van het document gemaakt worden en het maken van aantekeningen is slechts beperkt toegestaan. Ook mogen degene die het ingezien hebben hierover niet spreken met anderen. Gelukkig voor het democratisch proces heeft Greenpeace kans gezien het ontwerpdocument (status april 2016) te downloaden. Daardoor is nu meer bekend en wordt ook duidelijk waarom e.e.a. zo geheim gehouden is: volgens het normale democratisch proces was dit akkoord allang in de vuilnisbak beland, maar daarover later meer.

 Op dit moment loopt er in Brussel nog de discussie of de Europese Raad bevoegd is om het verdrag te ratificeren om dat het langs de nationale parlementen moet. Cruciaal hierbij is of het juridisch gesproken een handelsakkoord is of een zogenaamd gemengd akkoord. In het eerste geval komt TTIP niet langs de nationale parlementen!

Dat er nu parlementariërs zijn die de inhoud kennen komt niet door de opstellers, maar door de lekkage via Greenpeace. Tot voor kort wisten onze democratisch gekozen volksvertegenwoordigers vrijwel niets van de inhoud van TTIP.

 Wat is er tegen een handelsaccoord?

Er valt moeilijk principieel bezwaar te maken tegen een handelsakkoord, omdat het het vrije verkeer van mensen en goederen alleen maar bevordert. Bij TTIP, CETA en andere reeds afgesloten vrijhandelsakkoorden zit er echter een gemeen addertje onder het gras, waar wij zeer op tegen zijn.

Deze adder heet  Investor-State Dispute Settlement, afgekort ISDS. Dit is een vorm van arbitrage die is uitgevonden om de vaak traag verlopende reguliere rechtspraak te omzeilen en de investeringen van de buitenlandse investeerders te beschermen.

 ISDS in de praktijk

Wanneer een buitenlandse investeerder vindt dat er ten onrechte handelsbelemmeringen worden opgeworpen mogen zij het betreffende aanklagen bij een internationaal tribunaal. Per aanklacht wordt er een ad-hoc tribunaal benoemd, meestal via het ICSID dat onder de door de USA gedomineerde Wereldbank valt. In dit tribunaal zitten geen rechters, maar advocaten die per gewonnen zaak (fors) betaald worden. De zitting vindt achter gesloten deuren plaats en het is niet mogelijk om beroep aan te tekenen.

Wat zijn de zaken die kunnen gelden als  handelsbelemmering:

  • In Europa geldt voor veel milieu- en klimaatmaatregelen het zogenaamde voorzorgprincipe. De overeenkomsten van de klimaatconferentie van Parijs zijn daarvan een duidelijk voorbeeld. Er zijn maatregelen afgesproken om te voorkomen dat de opwarming te groot wordt. De VS hanteren echter een ander principe: het moet wetenschappelijk bewezen zijn dat de genomen maatregelen nodig zijn! Dit is iets dat bij milieuzaken nooit mogelijk is. Dus worden wetten ter voorkoming van opwarming, vervuiling, uitsterven van diersoorten gezien als handelsbelemmering en worden de claims meestal gewoon toegekend. Dit gaat over zeer grote bedragen.

    Een voorbeeld is Vattenfall. Duitsland is begonnen met het sluiten van kerncentrales na de nucleaire ramp in Japan. Vattenfall vond dat zij hierdoor de winsten van 2 van hun kerncentrales misliepen en diende een claim in; kosten voor Duitsland 3,7 miljard euro.

  • Verhogingen van bv. minimum loon is nadelig voor de winsten van de buitenlandse investeerder; dus een claim. En dit gebeurt, vraag maar aan Israël.

  • Gezondheidswetten kunnen ondergeschikt zijn aan winst. Zowel Australië als Uruguay hebben een wet aangenomen waarbij waarschuwende teksten op de pakjes sigaretten komen. Volgens Philip Morris kunnen zij daardoor niet meer effectief hun product promoten.

  • Multinationals hebben o.a. Argentinië en Griekenland aangeklaagd, omdat zij bezuinigingsmaatregelen hadden genomen om hun economische crises te beheersen. Een aantal bedrijven zag daardoor hun winsten teruglopen, dus claimen maar!

  • Canada's provincie Quebec was zo verstandig om met het fracken van schaliegas te stoppen. Lone Pine eiste direct compensatie.

  • Achmea (ja Nederland gaat zeker niet vrijuit) heeft Tsjechië voor het tribunaal gesleept omdat zij de privatisering van de gezondheidszorg gingen terugdraaien en terug wilden gaan naar een gezondheidszorg op non-profit basis.

 En dan is er nog de discussie over de standaarden. Minister Ploumen heeft belooft dat onze standaarden blijven gelden. Dat zou heel goed kunnen, alleen zullen wij daar in de praktijk weinig aan hebben zo valt te vrezen.

Voor heel veel zaken hanteren de VS andere normen dan de EU. Gevaarlijke stoffen bijvoorbeeld. De EU kent een lijst van 1300 verboden gevaarlijke stoffen; de VS ongeveer 90.

Laten wij eens kijken naar het toedienen van groeihormonen aan slachtvee. De EU kent hiervoor normen, die het gebruik van groeihormonen aan banden legt. De VS doet daar echter niet moeilijk over met als resultaat een slachtvee dat veel sneller groeit en veel meer vlees opbrengt dan de Europese. Wij gaan de Europese norm natuurlijk handhaven. Dus als Nederland vlees exporteert naar België moet dat aan de Europese normen voldoen. Het Amerikaanse vlees hoeft dat niet, want de Europese strengere normen zijn een handelsbeperking. De gevolgen laten zich raden: in onze supermarkten zal naast het hoogwaardige Europese vlees de Amerikaanse kiloknaller komen te liggen. En aangezien de consument meestal voor goedkoop kiest is de Europese boer gezien met zijn veel betere vlees. Vandaar ook dat er politici zijn die pleiten voor invoering van het ISDS binnen de Europese markt!!! Dan zijn we helemaal ver van huis!