Home Vee-industrie Nieuws Megastallen als snelkookpan voor ziekten?

Megastallen als snelkookpan voor ziekten?

19 mei 2009 - Megastallen vergroten het risico van het ontstaan van voor de mens schadelijke dierziekten. De overheid dient dan ook een bouwstop in te stellen voor deze veefabrieken. De veehouderij van de toekomst zal de gezondheidsrisico’s moeten verkleinen, in plaats van vergroten. De varkensgriep wijst op de grenzen van de veehouderij.

Het lijkt een taalspelletje. Een nieuwe griepvariant dook op en werd varkensgriep gedoopt. Logisch, want dit virus is eerst ontstaan bij varkens en vervolgens op mensen overgegaan. Toen roerde een machtige lobby zich en werd de naam veranderd in Mexicaanse griep. De overheden besloten hiertoe omdat de belangen van de varkenssector niet geschaad mochten worden. Maar wordt het geen tijd dat de overheden zich juist wat kritischer opstellen tegenover die sector? Moeten we ons werkelijk zand in de ogen laten strooien met deze naamsverandering?

Wat vaststaat is dat dit virus wel degelijk afkomstig is van varkens uit de bio-industrie. Al in 2005 werden gelijksoortige H1-virussen in Amerikaanse stallen aangetroffen en hebben de virussen meerdere keren mensen geïnfecteerd. Toen en nu opnieuw hebben varkens als 'reactievat' gediend voor het ontstaan van een voor de mens gevaarlijk virus. Niet alleen kunnen varkens mensen ziek maken, ook is onlangs aangetoond dat mensen varkens weer met het griepvirus kunnen besmetten. Op een varkensbedrijf in Alberta (Canada) is het virus door een medewerker op de varkens overgebracht. Zodoende blijven dergelijke virussen zich ontwikkelen en kunnen gevaarlijke varianten ontstaan. De term 'Mexicaanse griep' in plaats van varkensgriep is bedoeld om de achtergrond van het virus te maskeren. Zo wordt voorkomen dat de vee-industrie zich moet verantwoorden voor de door hen veroorzaakte gezondheidsrisico’s.

In 2003 gebeurde het al dat een relatieve milde variant van de vogelgriep zich binnen de Nederlandse bio-industrie ontwikkelde tot een voor de dieren gevaarlijke en zeer besmettelijke variant. Dat dit virus minder besmettelijk is voor mensen is een groot geluk, maar zeker géén wijsheid. De overvolle stallen van de bio-industrie fungeren namelijk als een soort 'snelkookpan', waarin ziekten zich niet alleen snel verspreiden, maar vooral ook snel kunnen muteren. Het eenzijdige doorfokken op snelle groei heeft de genetische variatie van varkens en kippen geminimaliseerd, waardoor zij minder weerstand hebben tegen ziekten. De kans op het ontstaan van een voor de mens gevaarlijke variant neemt hierdoor verder toe. Dr. Wim van der Poel van de Animal Science Groep stelde naar aanleiding van de vogelgriep dan ook dat kippen “met hun slappe immuunsysteem geen partij zijn voor het H5N1-virus (…). De virussen vermenigvuldigen zich, en gebruiken de kippenpopulatie als springplank naar mensen.”

In Nederland leven 12 miljoen varkens en 95 miljoen kippen, opeengepropt in benarde stallen. Ons land heeft daarmee de hoogste veedichtheid ter wereld! Geen wonder dat ook nergens zoveel antibiotica wordt gebruikt. Het Centraal Veterinair Instituut uit Wageningen heeft onlangs vastgesteld dat het gebruik van antibiotica in de Nederlandse veehouderij de afgelopen tien jaar bijna is verdubbeld. Hierdoor stijgt ook het aantal resistente bacteriën, bij de dieren en bij de veehouders. De onderzoekers leggen een link tussen de groei van het antibioticagebruik en de schaalvergroting binnen de veehouderij.

Binnen de Nederlandse veehouderij wordt schaalvergroting vreemd genoeg nog altijd door de overheid gestimuleerd. In zogenaamde Landbouwontwikkelingsgebieden (LOG’s) worden ondernemingen geconcentreerd. Ook zijn er veel ondernemers met bouwplannen voor megastallen. Momenteel zijn bij Milieudefensie plannen bekend voor maar liefst 82 te bouwen veefabrieken, verspreid over Nederland. Het grootste bouwplan is voorzien in Grubbenvorst (Limburg), waar een bedrijf met 35.000 varkens en 1,2 miljoen kippen moet komen. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft vorig jaar al vastgesteld dat door dergelijke megastallen de kans op het ontstaan van voor de mens gevaarlijke ziekten verder kan toenemen.

Minister Verburg (Landbouw, CDA) blijft desondanks de komst van dit soort veefabrieken steunen. Zij weigert dan ook nader onderzoek te laten verrichten naar de risico’s voor de volksgezondheid. Zij weigert bovendien om de eveneens risicovolle clustering van veebedrijven in LOG’s te voorkomen. Zij weigert terug te komen op haar steun aan de risicovolle megastallen. Ondanks dat met de huidige uitbraak van de varkensgriep opnieuw een duidelijk signaal wordt afgegeven dat het zowel voor dieren als voor mensen ongezond is om op deze wijze vee te houden. Voor de geplande veefabriek in Grubbenvorst worden zelfs miljoenen euro’s subsidie beschikbaar gesteld. Wordt dit de kraamkamer voor nog meer nieuwe dierziekten?

Het RIVM stelde ook dat het juist niet verstandig is om varkens en kippen in megastallen dicht op elkaar te houden. Om verspreiding van ziekten te voorkomen wordt ook bepleit om een afstand van minimaal 1 à 2 kilometer tussen stallen aan te houden. Dit advies aan regering en parlement is fluks in een la gestopt. Anders zou het beleid rond de Landbouwontwikkelingsgebieden op de helling moeten, want daarbij worden de bedrijven juist dichter op elkaar gezet. De enige juiste conclusie is dat in Nederland nu te veel dieren worden gehouden om ze op een verantwoorde manier te kunnen huisvesten. Als we de gezondheidsrisico’s willen beperken zal de veestapel moeten krimpen. Alleen dan kunnen de dieren op voldoende afstand worden gehouden.

Voor het milieu zijn al jarenlang vraagtekens te plaatsen bij de Nederlandse veehouderij. De enorme veestapel leidt tot vervuiling van lucht, bodem en water in ons land. Veel dieren en planten zijn de dupe van dit mestoverschot. Ook voor de dieren zijn uiteraard vraagtekens te plaatsen bij de Nederlandse veehouderij. De meeste dieren leven opeengepakt, zonder daglicht, zonder kansen voor natuurlijk gedrag. Mensen in (met name) Zuid-Amerika leven ook met vraagtekens over de Nederlandse veehouderij. Waarom moet hun leefomgeving wijken voor het benodigde veevoer, geproduceerd in grootschalige sojaplantages?
Nu wordt steeds duidelijker dat bij de veehouderij óók onze eigen gezondheid in het geding is. Blijft de overheid nog steeds de eenzijdige belangen van de sector verdedigen? Of wordt eindelijk gekozen voor een toekomstbestendige veehouderij?

Wouter van Eck en René Houkema, Campagneteam Landbouw en Voedsel van Milieudefensie.

Milieudefensie is een petitie gestart onder de titel 'Stop de dierziektes, stop de megastallen'. Gehoopt wordt dat een breed gedragen signaal regering en parlement tot inkeer kunnen brengen. Deze petitie kan ondertekend worden op www.stopveefabrieken.nl. Op deze site is ook meer informatie te vinden over de stand van zaken rond de geplande megastallen.